Werking Kattendijksluis
Werking Kattendijksluis
De Kattendijksluis en
haar saskom vormen een verbinding tussen de Schelde enerzijds en het
Kattendijkdok en de andere achterliggende dokken anderzijds. Aan het bovenhoofd
(de kant van de dokken) bevinden zich een paar vloeddeuren en een paar
ebdeuren. Aan het benedenhoofd (de kant van de Schelde) bevinden zich, naast
een paar vloeddeuren, echter twee paar ebdeuren. Het tweede paar ebdeuren geeft
een extra veiligheid.
Het waterniveau in de
dokken is steeds stabiel, namelijk 4,17m TAW*. Het waterniveau van de Schelde
is onderhevig aan getijdenwerking en varieert gemiddeld tussen 0,00 en 5,29m
TAW*. De sluis werkt met een getijdenvenster, wat erop neerkomt dat de sluis
enkel gebruikt kan worden wanneer het waterniveau in de Schelde minimaal 2,2m
TAW* is. Bij een lagere waterstand zou de druk op de kademuren te groot worden. Per 12 uur zal de sluis ongeveer 6 uur gebruikt
kunnen worden. Maar aangezien de sluis voornamelijk pleziervaart zal verwerken,
is dit niet meteen een probleem.
*TAW = Tweede
Algemene Waterpassing, dit is een referentiehoogte waarmee (grond)niveaus in
Belgiƫ worden uitgedrukt. Het nulpunt (0m TAW) is de gemiddelde hoogte van de
zee bij laagwater in Oostende.